Naast de soennitische hadith kent de sjiitische islam een eigen verzameling overleveringen. Deze pagina geeft de achtergrond bij de sjiitische hadith die op deze site staan.
Het grote verschil met de soennitische traditie zit in de keten van overlevering. Waar soennieten zich baseren op de metgezellen (sahaba) van Mohammed, lopen de gezaghebbende sjiitische ketens door de Ahl al-Bayt — het huisgezin van de profeet — en in het bijzonder door de twaalf imams (te beginnen met Ali ibn Abi Talib). Uitspraken van deze imams gelden in de sjiitische opvatting als gezaghebbend, omdat zij de kennis van de profeet zouden hebben doorgegeven. Veel sjiitische overleveringen zijn daarom woorden van een imam, niet rechtstreeks van Mohammed.
Zoals de soennieten hun canonieke collecties hebben, kent de twaalver-sjiitische islam vier standaardwerken die samen de kern van de overlevering vormen:
Anders dan bij de soennitische Ṣaḥīḥ-werken gold voor de verzamelaars van de Vier Boeken niet dat élke opgenomen overlevering als authentiek beschouwd moet worden; de beoordeling gebeurt door de latere geleerden.
Ook de sjiitische overleveringswetenschap beoordeelt de keten. Zij hanteert deels eigen graden, zoals ṣaḥīḥ (gezond — een ononderbroken keten van twaalver-sjiitische, betrouwbare overleveraars), ḥasan (goed), muwaththaq (betrouwbaar, ook als een overleveraar geen twaalver-sjiiet is) en ḍaʿīf (zwak). Een aparte richting, de Akhbārī’s, kende van oudsher meer gezag toe aan de overleveringen zelf, terwijl de overheersende Uṣūlī-richting een grotere rol geeft aan juridische redenering.