Personen en profeten

Jozef

يوسف

Alle gecontroleerde vindplaatsen van Jozef in de Koran.

1
entiteit
20
verzen
21
vermeldingen
Symbolische weg langs oude poorten, een boekrol en een staf

Vindplaatsen in de Koran

12:412:4:3

Zie! Jozef zei tot zijn vader: "O mijn vader! Ik zag elf sterren en de zon en de maan: ik zag dat zij zich voor mij neerbogen!"

يُوسُفُ

12:712:7:4

Voorwaar, in Jozef en zijn broers zijn tekenen (of zinnebeelden) voor de zoekers (naar de waarheid).

يُوسُفَ

12:912:9:2

"Dood Jozef of verdrijf hem naar een (onbekend) land, opdat de gunst van uw vader aan u alleen gegeven worde: (er zal tijd genoeg zijn) voor u om daarna rechtvaardig te zijn!"

يُوسُفَ

12:1012:10:6

Eén van hen zei: "Dood Jozef niet, maar als u iets doen moet, werp hem dan neer op de bodem van de put: hij zal door een of andere karavaan van reizigers worden opgenomen."

يُوسُفَ

12:1112:11:8

Zij zeiden: "O onze vader! waarom vertrouwt u ons Jozef niet toe,- daar wij hem toch waarlijk oprecht welgezind zijn?"

يُوسُفَ

12:1712:17:7

Zij zeiden: "O onze vader! Wij gingen met elkander om het hardst lopen, en lieten Jozef bij onze spullen achter; en de wolf verslond hem.... Maar u zult ons nooit geloven, ook al spreken wij de waarheid."

يُوسُفَ

12:2912:29:1

"O Jozef, ga hieraan voorbij! (O vrouw), vraag vergeving voor uw zonde, want waarlijk, u bent in gebreke geweest!"

يُوسُفُ

12:4612:46:1

"O Jozef!" (zei hij) "O man van waarheid! Leg ons (de droom) uit van zeven vette koeien die door zeven magere verslonden worden, en van zeven groene korenaren en (zeven) andere, verdorde: opdat ik tot de mensen terugkere, en opdat zij het verstaan."

يُوسُفُ

12:5112:51:6

(De koning) zei (tot de vrouwen): "Wat was er met u, toen u Jozef zocht te verleiden van zijn (ware) zelf?" De vrouwen zeiden: "Allah beware ons! geen kwaad weten wij van hem!" De vrouw van de 'Aziz zei: "Nu is de waarheid openbaar (voor allen): ik was het die hem zocht te verleiden van zijn (ware) zelf: hij behoort waarlijk tot hen die (altijd) waarachtig (en deugdzaam) zijn."

يُوسُفَ

12:5812:58:3

Toen kwamen de broers van Jozef: zij traden bij hem binnen, en hij herkende hen, maar zij herkenden hem niet.

يُوسُفَ

12:6912:69:4

Toen zij nu voor Jozef verschenen, nam hij zijn (volle) broer bij zich om bij hem te verblijven. Hij zei (tot hem): "Zie! ik ben uw (eigen) broer; wees dus niet bedroefd over iets van wat zij gedaan hebben."

يُوسُفَ

12:7712:77:11

Zij zeiden: "Als hij steelt, dan was er een broer van hem die vóór (hem) gestolen heeft." Maar deze dingen hield Jozef verborgen in zijn hart, zonder hun de geheimen te openbaren. Hij zei (slechts) (bij zichzelf): "U verkeert in de slechtste positie; en Allah weet het best de waarheid van wat u beweert!"

يُوسُفُ

12:8012:80:23

Toen zij nu geen hoop zagen dat hij (zou toegeven), hielden zij in het geheim beraad. De voornaamste onder hen zei: "Weet u niet dat uw vader een eed van u genomen heeft in de naam van Allah, en hoe u vóór dit tekortgeschoten bent in uw plicht jegens Jozef? Daarom zal ik dit land niet verlaten totdat mijn vader het mij toestaat, of Allah het mij gebiedt; en Hij is de beste om te gebieden."

يُوسُفَ

12:8412:84:6

En hij wendde zich van hen af en zei: "Hoe groot is mijn verdriet om Jozef!" En zijn ogen werden wit van droefheid, en hij verviel in stille zwaarmoedigheid.

يُوسُفَ

12:8512:85:5

Zij zeiden: "Bij Allah! (nooit) zult u ophouden Jozef te gedenken totdat u het uiterste van ziekte bereikt, of totdat u sterft!"

يُوسُفَ

12:8712:87:5

"O mijn zonen! ga heen en doe navraag naar Jozef en zijn broer, en geef nooit de hoop op Allahs vertroostende barmhartigheid op: waarlijk, niemand wanhoopt aan Allahs vertroostende barmhartigheid, dan zij die geen geloof hebben."

يُوسُفَ

12:9012:90:4

Zij zeiden: "Bent u waarlijk Jozef?" Hij zei: "Ik ben Jozef, en dit is mijn broer: Allah is ons (allen) waarlijk genadig geweest: zie, wie rechtvaardig en geduldig is,- nooit zal Allah het loon verloren laten gaan van hen die goeddoen."

يُوسُفُ

12:9412:94:9

Toen de karavaan (Egypte) verliet, zei hun vader: "Ik ruik waarlijk de aanwezigheid van Jozef: nee, houd mij niet voor een kindse grijsaard."

يُوسُفَ

12:9912:99:4

Toen zij dan bij Jozef binnentraden, verschafte hij zijn ouders een woning bij zichzelf, en zei: "Treed (allen) Egypte binnen in veiligheid, indien het Allah behaagt."

يُوسُفَ

40:3440:34:3

"En tot u kwam Jozef in vervlogen tijden, met duidelijke tekenen, maar u hield niet op te twijfelen aan (de zending) waarvoor hij gekomen was: totdat, toen hij stierf, u zei: 'Geen boodschapper zal Allah na hem zenden.' Zo laat Allah hen dwalen die overtreden en in twijfel leven,"-

يُوسُفُ

Hadith waarin Jozef wordt genoemd54 vermeldingen

Hadith zijn later overgeleverde berichten en staan daarom los van de Korantekst. Onderstaande koppelingen zijn exacte naam- of termvermeldingen, geen oordeel over betrouwbaarheid of uitleg.

Sahih al-BukhariNr. 646

…gaf het bevel voor de derde keer en zei: "Jullie (vrouwen) zijn de metgezellinnen van Jozef. Zeg tegen Abu Bakr dat hij het gebed voorgaat." Dus kwam Abu Bakr naar voren om het gebed voor te gaan. Intussen verbeterde de toestand van de Profeet (ﷺ) een beetje en kwam hij naar buiten met de hulp van twee mannen, één aan elke kant. Het is alsof ik zijn benen ov…

Sahih al-BukhariNr. 660

…De Profeet (ﷺ) zei opnieuw: 'Zeg tegen Abu Bakr dat hij de mensen in gebed voorgaat.' Zij herhaalde hetzelfde antwoord, maar hij zei: 'Zeg tegen Abu Bakr dat hij de mensen in gebed voorgaat. Jullie zijn de metgezellinnen van Jozef.' Dus ging de boodschapper naar Abu Bakr (met dat bevel), en hij ging de mensen in gebed voor tijdens het leven van de Profeet."

Sahih al-BukhariNr. 661

…bed, zullen zij hem niet kunnen horen vanwege zijn huilen; beveel daarom alstublieft `Umar om het gebed voor te gaan." Hafsa deed dit, maar de Profeet van Allah zei: "Wees stil! Jullie zijn waarlijk de metgezellinnen van Jozef. Zeg tegen Abu Bakr dat hij de mensen moet voorgaan in het gebed." Hafsa zei tegen Aisha: "Ik heb nooit iets goeds van jou gekregen."

Sahih al-BukhariNr. 664

…bed.' Aisha zei: 'Abu Bakr is een zachtaardig man en hij zou overmand worden door zijn huilen als hij de Koran zou reciteren.' Hij zei tegen hen: 'Zeg tegen hem (Abu Bakr) dat hij het gebed moet voorgaan.' Hem werd hetzelfde antwoord gegeven. Hij zei opnieuw: 'Zeg tegen hem dat hij het gebed moet voorgaan. Jullie (vrouwen) zijn de metgezellinnen van Jozef.'"

Sahih al-BukhariNr. 695

…tzelfde bevel en) de derde of vierde keer zei hij: "Jullie zijn de metgezellinnen van Jozef. Zeg tegen Abu Bakr dat hij het gebed moet voorgaan." Zo ging Abu Bakr het gebed voor, en intussen voelde de Profeet (ﷺ) zich beter en kwam naar buiten met de hulp van twee mannen; het is alsof ik hem nu voor me zie, zijn voeten over de grond slepend. Toen Abu Bakr he…

Sahih al-BukhariNr. 696

…) zei: "Waarlijk, jullie zijn de metgezellinnen van Jozef. Zeg tegen Abu Bakr dat hij de mensen moet voorgaan in het gebed." Zo stond Abu Bakr op voor het gebed. Intussen voelde de Boodschapper van Allah (ﷺ) zich beter en kwam naar buiten met de hulp van twee personen, terwijl beide benen over de grond sleepten tot hij de moskee binnenging. Toen Abu Bakr hem…

Bekijk alle 54 vermeldingen